Lopende projecten

 

Sector
  • Basisonderwijs
  • Cluster 1
  • Cluster 2
  • Cluster 4
  • Gymnasium
  • Gymnasium bovenbouw
  • Gymnasium onderbouw
  • Havo
  • Havo onderbouw
  • Havo bovenbouw
  • Mbo
  • Po
  • Praktijkonderwijs
  • So
  • Speciaal basisonderwijs
  • So/Vso
  • Vmbo
  • Vmbo onderbouw
  • Vmbo bovenbouw
  • Vmbo bovenbouw bb
  • Vmbo bovenbouw kb
  • Vmbo bovenbouw gl
  • Vmbo bovenbouw tl
  • Vo
  • Vso
  • Vwo
  • Vwo bovenbouw
  • Vwo onderbouw
Leerplankundig thema
  • Curriculum
  • Doorlopende leerlijnen
Vakspecifiek thema
  • Referentiekader

Referentiekader taal

15-1-2015

​Sinds augustus 2010 is het referentiekader taal (en rekenen) wettelijk van kracht. Binnen het referentiekader zijn vier referentieniveaus omschreven en het is daarmee van toepassing op po, vo en mbo.
Het referentiekader taal is ingevoerd om de aansluiting tussen de sectoren te verbeteren en het taalvaardigheidsniveau te verhogen. Het geeft voor de sleutelmomenten in de onderwijsloopbaan een beschrijving van het fundamentele en het streefniveau van taalvaardigheid van leerlingen. Het beoogd curriculum voor het schoolvak Nederlands is hiermee eenduidig omschreven; het biedt houvast wat betreft de doelen en gewenste opbrengsten in alle sectoren van het onderwijs en zorgt daarmee voor een doorlopende leerlijn. De examenprogramma's maakten voor Nederlands geen verschil tussen havo en vwo waardoor het aanbrengen van dat niveauverschil werd overgelaten aan methodemakers en leraren. Dankzij het onderscheid tussen de niveaus 3F en 4F heeft het aanbrengen van dat niveauverschil voor havo (3F) en vwo (4F) nu ook een wettelijke basis.
Op basis van het referentiekader heeft SLO naast diverse uitwerkingen van de referentieniveaus ook instrumenten voor scholen ontwikkeld. Zie ook www.taalenrekenen.nl

De toewijzing van referentieniveaus taal is als volgt:

  • 1F en 2F voor primair onderwijs en speciaal onderwijs
  • 2F voor vmbo en mbo 1, 2 en 3
  • 3F voor mbo-4 en havo
  • 4F voor vwo 

De referentieniveaus taal zijn opgebouwd uit de domeinen:

  • Mondelinge taalvaardigheid, met de subdomeinen: gesprekken, luisteren en spreken;
  • Lezen, met de subdomeinen: zakelijke teksten en fictionele, narratieve en literaire teksten;
  • Schrijven;
  • Begrippenlijst en taalverzorging. 
Contactpersoon