Lopende projecten

 

Sector

  • Po

Vakgebied

  • Nederlands

Vakinhoud

  • Schrijfvaardigheid

Leren schrijven met peer response en instructie in genrekennis; een leerlijn voor de basisschool

25-7-2017

In dit SLO project worden lessenseries ontwikkeld voor het schrijfonderwijs in de midden- en bovenbouw (4-8) van het basisonderwijs. De lessenseries zijn een uitwerking van de tekstsoorten uit  het Referentiekader voor schrijfvaardigheid.

Veel leerlingen en leraren vinden het schrijfonderwijs een moeilijk onderdeel van het taalonderwijs. Voor kinderen is schrijven zonder twijfel de moeilijkst te leren taalvaardigheid. Veel leraren ervaren het geven van goed schrijfonderwijs als een lastige en arbeidsintensieve taak. Het kost veel tijd en lang niet altijd is er voldoende vooruitgang in kwaliteit te merken. Lees ook het Inspectierapport Focus op schrijven.  

Wat is schrijven met peer response en instructie in genrekennis?

Schrijven met peer response (leerling commentaar) betekent dat leerlingen elkaar helpen bij het leren schrijven van teksten. Dat doen ze door tijdens de verschillende fasen van het schrijfproces (oriënteren-schrijven-reflecteren-reviseren-publiceren) commentaar te geven op elkaars teksten.

Instructie in genrekennis betekent dat leerlingen leren dat er verschillende soorten teksten bestaan die met verschillende doelen geschreven worden. Een voorbeeld: binnen de tekstsoort 'instructies' kennen we de genres gebruiksaanwijzing, recept, spelregels, bijsluiter en routebeschrijving. Ze worden allemaal geschreven met het doel om iets uit te leggen. Binnen de tekstsoort verhalen en fictie worden wel romans, strips, sprookjes, korte verhalen e.d. onderscheiden. Deze teksten worden geschreven om de lezer plezier te verschaffen.

Leerlingen leren ook hoe ze de doelen van teksten kunnen realiseren: ze moeten weten welke tekstkenmerken horen bij verschillende tekstsoorten. Bij een recept moet bijvoorbeeld precies uitgelegd worden welke ingredienten er nodig zijn, wat er gedaan moet worden, in welke volgorde en hoeveel tijd het kost. Er zijn concrete taalmiddelen om doelen van teksten te realiseren. Je gebruikt bij een recept bijvoorbeeld tijdwoorden om aan te geven wanneer je iets moet doen en plaatswoorden om aan te geven waar dat moet gebeuren. Dezelfde taalmiddelen gebruik je ook wanneer je verhalen schrijft. Je hebt een ander doel, namelijk de lezer plezier laten beleven, maar je gebruikt ook tijds- en plaatsaanduidingen om je verhaal precies en spannend te maken.

Kenmerken van de lessenseries

Elke lessenserie:

  • bestaat uit 12 lessen, die gekoppeld zijn aan een thema
  • geeft instructie in het leren schrijven én bespreken van teksten met maatjes (peers')
  • behandelt 2 verschillende genres 
  • geeft instructie in het gebruik van taalmiddelen (tijd- en plaatswoorden, opsommingswoorden, redenwoorden etc.)
  • integreert verschillende taalvaardigheden (lezen, schrijven, mondelinge taalvaardigheid)
  • biedt materiaal voor zelfstandig werken (met leerlingboekjes) en een beknopte handleiding per leerjaar voor de docent als begeleider

Een effectieve aanpak

De lessenseries zijn gebaseerd op de uitkomsten van een effectonderzoek (in groep 8) waarvan  Mariëtte Hoogeveen in haar proefschrift verslag doet. Zowel uit deze als uit andere studies komt naar voren dat leren schrijven met peer response een effectieve aanpak is. Leerlingen schrijven met meer plezier, hebben positievere attitudes, beschikken over meer taal om over teksten te praten (zgn. meta-taal), krijgen meer zicht op criteria voor tekstkwaliteit, schrijven betere teksten en reviseren hun teksten beter, dan leerlingen die traditioneel stelonderwijs krijgen. Uit de studie van Hoogeveen blijkt dat instructie in concrete taalmiddelen heel belangrijk is om de kwaliteit van leerlingcommentaar te vergroten: het biedt concrete aandachtspunten voor de bespreking van teksten.