Sector
  • Po
Vakgebied
  • Nederlands
Vakinhoud
  • Literatuur/Fictie
  • Begrijpend lezen
Leerplankundig thema
  • Leerlijn
  • Referentieniveaus
  • Referentiekader
Trefwoorden
  • Leesgesprekken

Organisatievorm

6-7-2015

Er zijn verschillende organisatievormen voor een leesgesprek te gebruiken.

Leesgesprekken door leraar met individuele leerling

Leesgesprekken met individuele leerlingen zijn arbeidsintensief, maar bieden veel informatie. Vaak is dat ook heel onverwachte informatie. Het is plezierig en informatief om eens rustig met een leerling te praten over lezen. De kinderen genieten er ook van, ze willen graag vertellen. Met de informatie die deze individuele gesprekken oplevert, is gedetailleerd afstemmen op individuele behoeften van leerlingen in het leesonderwijs mogelijk.

Leesgesprekken door leraar met groepje leerlingen

De leraar organiseert een gesprek met een groepje leerlingen dat hij bewust samenstelt. Het gesprek vindt binnen of buiten de klas plaats. Leerlingen kunnen in deze gesprekken ontdekken dat het lezen bij andere leerlingen niet automatisch op dezelfde manier gaat als bij henzelf, dat leerlingen verschillen in leesniveaus, leesinteresses en leesaanpakken.

Leesgesprekken door leraar met de hele groep

Leerkrachten kunnen periodiek in een soort monitoringsles een reflectief gesprek houden over het lezen en het leesonderwijs. In zulke gesprekken kunnen tal van onderwerpen aan bod komen: wat er gelezen wordt, wanneer, waar en soms zelfs met wie er gelezen wordt. Ook concrete ideeën voor het verbeteren van de leesomgeving kunnen in zo’n gesprek naar voren komen.

Onderzoek naar lezen door leerlingen in groepjes

Als vervolg op leesgesprekken kunnen leerlingen in groepjes zelfstandig gesprekken voeren over een bepaald onderwerp gerelateerd aan het leesonderwijs, bijvoorbeeld de leesomgeving.  Onderzoeksgroepjes kunnen een onderdeel van de leesomgeving in kaart brengen. Die onderdelen zijn bijvoorbeeld:

  • Welke lekkere plekjes zijn er om te lezen; wat kan er beter?
  • Wat doen we voor activiteiten waardoor we met boeken en lezen bezig zijn; wat kan er beter?
  • Wat zijn er allemaal voor verschillende soorten boeken? Missen we nog soorten?
  • Wat doen we met wat we gelezen hebben; kan dat anders of beter?

In elk onderzoek is van belang: beschrijving van de huidige situatie en plannen voor de verbetering daarvan. Leerlingen bespreken de voorstellen voor verbetering met elkaar en met de leraar. Dat verbeteren doen de leerlingen zoveel mogelijk zelf.
  • De stylinggroep kan ervoor zorgen dat de boekenhoek gezellig is en ze kunnen de kinderen erop wijzen, dat alles altijd weer opgeruimd wordt.
  • Het leespromotieteam kan ervoor zorgen dat er regelmatig een boekenactiviteit op het programma staat om het lezen te promoten.  De organisatie hiervan doen zij zelf. In de klas komt een programma te hangen van de activiteiten.
  • De boekengroep zorgt dat de boeken in de leeshoek regelmatig ververst worden. Zij zorgen er bijvoorbeeld ook voor, dat er afwisseling is in de verschillende genres en doen daar voorstellen voor. Zij kunnen ook eens een instructie klaarleggen, die kinderen kunnen uitvoeren.

Contactpersoon