9. Teksten bewerken

1-12-2015
Om leerlingen te leren studerend te lezen, is het eigenlijk noodzakelijk dat een zo 'echt' mogelijke studeersituatie wordt gecreëerd. Het liefst werkt u met teksten die leerlingen ook daadwerkelijk moeten leren of bestuderen. Dat betekent niet dat in de les Nederlands alleen zaakvakteksten aan bod kunnen komen. Want als leerlingen productieve opdrachten voorbereiden, passen zij de strategie studerend lezen toe in de fase van informatievergaring. Vaardigheden die daarbij horen zijn: markeren, onderstrepen, aantekeningen maken in de marge. Zo kunt u leerlingen ter voorbereiding op het schrijven van een betoog of het deelnemen aan een discussie of debat vragen om in een tekst alle argumenten te markeren. Andere opdrachten zijn: bij elke alinea in de marge het deelonderwerp noteren, de belangrijkste informatie markeren, belangrijke signaalwoorden omcirkelen, vraagtekens plaatsen bij lastige passages, informatie-elementen die bij elkaar horen in een gelijke kleur markeren of vragen bij de tekst op een post-it noteren en bij de tekst plakken.​

Voor leerlingen is het veel motiverender om een tekst te bewerken dan er stukken uit over te schrijven in een schrift. Uiteraard is het onwenselijk dat leerlingen de teksten in hun schoolboeken bewerken. Dat betekent dat u bij het oefenen van deze studievaardigheid kopieën moet maken.

De werkvorm is overigens ook geschikt voor het oefenen van deelvaardigheden. Zo kunt u in een gekopieerde tekst bepaalde woorden weglakken en de leerlingen vragen ze in te vullen.