Zakelijk schrijven

24-9-2015

​Zakelijk schrijven - schrijf een krantenartikel


Veel kranten hebben een soort ‘jongerenpagina’. Daarin staan artikelen die speciaal voor jongeren zijn geschreven. Je gaat een stuk schrijven voor die pagina. Je lezerspubliek bestaat uit je leeftijdgenoten. Hieronder staan drie opdrachten voor het schrijven van zo’n krantenartikel. Je kiest er één uit. Elk artikel heeft minimaal 400 en maximaal 600 woorden. Lever het stuk getypt in. Leuk is het als de vorm van je stuk ook echt lijkt op die uit de krant.
  

Opdracht 1: MAAK EEN WEDSTRIJDVERSLAG

Knip minimaal drie wedstrijdverslagen uit de krant.

  • Bestudeer ze en noteer minimaal vijf kenmerken van een wedstrijdverslag.
  • Ga naar een sportwedstrijd van een broertje, zusje, vader, moeder of vriendje.
  • Bekijk de wedstrijd, maak aantekeningen van het verloop van de wedstrijd.
  • Interview één van de deelnemers naderhand.
  • Schrijf vervolgens het wedstrijdverslag.   

Opdracht 2: SCHRIJF EEN COLUMN

  • Knip minimaal drie columns uit de krant.
  • Bestudeer ze en noteer minimaal vijf kenmerken van de column.
  • Bedenk een onderwerp waar jij je vaak aan stoort, of waar je je over verbaast.
  • Maak een brainstormweb over het onderwerp.
  • Formuleer in één zin de hoofdgedachte van je column en schrijf maar. 

Opdracht 3: SCHRIJF EEN INFORMATIEF ACHTERGRONDARTIKEL

  • Knip minimaal drie informatieve achtergrondartikelen uit de krant.
  • Bestudeer ze en noteer minimaal vijf kenmerken van het informatieve achtergrondartikel.
  • Bedenk eerst een onderwerp dat met school te maken heeft (bijvoorbeeld: conciërges, dyslexie).
  • Stel vragen bij dit onderwerp (bijvoorbeeld: waarom krijgen dyslectische leerlingen meer tijd voor een proefwerk?).
  • Ga op zoek naar antwoorden: door te surfen op Internet, door naar de bibliotheek te gaan of door iemand te interviewen.
  • Orden je materiaal en schrijf vervolgens je artikel. 

Tips

  • Maak gerust gebruik van de spellings- en stijlcontrole op je computer.
  • Laat je stuk door iemand anders lezen en corrigeren. 

Beoordeling, waar letten we op:

  • spelling en zinsbouw: voor fouten krijg je aftrek
  • ‘echtheid’: lijkt je artikel ook op artikelen uit de krant?
  • publiekgerichtheid. Je schrijft je artikel voor leeftijdgenoten. Is je woordgebruik, je onderwerp etc. daarop aangepast?
  • originaliteit. ​